Spring naar inhoud

Gewoon doen: zo maken hulpmiddelen het verschil in de praktijk

Binnen ZuidOostZorg draait het om één simpele vraag: wat kan iemand zelf blijven doen? Op afdeling Het Erf laat Helpende plus Hilda Hellingwerf, die ook techcoach is, zien hoe hulpmiddelen daar elke dag aan bijdragen. Niet groot of ingewikkeld, maar juist praktisch en stap voor stap. “Zelfredzaamheid staat voorop. We kijken vooral naar wat iemand wél kan. En daar sluiten we op aan.”

Beginnen met laten zien en doen

De aanpak begon klein. Door zelf op onderzoek uit te gaan op ons intranet en via ARNA: wat is er eigenlijk allemaal? En vooral: wat kun je ermee in de praktijk? “Ik ben gewoon begonnen met delen. Ik liet zien wat er is, liep bij collega’s binnen en zei: als je iets wilt proberen, laat het weten.” Dat groeide al snel uit tot iets wat de teams samen oppakken. Geen verplichting, maar ontdekken wat werkt.

Laagdrempelig uitproberen werkt

Een belangrijk onderdeel is het laten rouleren van hulpmiddelen. Hilda heeft een soort carrousel opgezet. Ze besteld hulpmiddelen, voorziet deze van een korte uitleg en legt ze tijdelijk op een woning neer. Collega’s en bewoners kunnen het bekijken, voelen en uitproberen. “Je merkt dat collega’s nieuwsgierig worden. ‘Wat heb je nu weer?’ Ze zien het, kennen het en onthouden het. En als het past, gebruiken ze het.” Ook de uitprobeerboxen helpen daarbij. Het verlaagt de drempel om iets nieuws te proberen, zonder dat het meteen ‘moet’.

In overleg met de bewoner

Welke hulpmiddelen worden ingezet, ontstaat altijd in overleg. Met collega’s die op dat moment werken en, waar mogelijk, met de bewoner zelf. “We kijken samen: wat zou kunnen helpen? En daarna is het vooral doen en ervaren. Wat werkt wel, wat niet?” Daarbij is het belangrijk om tijd te nemen. Wennen kost tijd, voor bewoners én voor collega’s. “Geef het een periode en kijk dan opnieuw. Niet te snel stoppen als iets niet meteen lukt. Juist die kleine momenten die wél lukken, daar doe je het voor.”

Simpel en passend in het dagelijks leven

De kracht zit in de eenvoud. Hulpmiddelen zoals aangepast bestek, een bordrand, een BBrain of een dienblad op de rollator maken het dagelijks leven net iets makkelijker. “Je moet het niet te groot maken. Het zijn vaak simpele dingen die het verschil maken.”

Wat levert het op?

Voor bewoners betekent het meer duidelijkheid, meer zelfstandigheid en vooral meer vertrouwen. Zelf iets kunnen blijven doen, hoe klein ook, doet veel. Voor collega’s zit de winst in het inzicht. “Je ziet dat iemand met een kleine aanpassing toch zelf dingen kan blijven doen. Dat motiveert om te blijven kijken naar mogelijkheden.”

Samen blijven ontwikkelen

Wat opvalt, is dat het steeds meer vanuit de teams zelf komt. Collega’s weten ARNA te vinden, verdiepen zich in hulpmiddelen en bestellen ook zelf. De rol van de techcoach verschuift daarmee naar aanjager en ondersteuner. “Ik breng het onder de aandacht en denk mee. Maar we doen het echt samen.” Tegelijk vraagt het om blijven herhalen en zichtbaar maken. Nieuwe collega’s en stagiaires worden meegenomen en successen worden gedeeld.

Blijven kijken naar wat wél kan

De kern blijft hetzelfde: niet denken in beperkingen, maar in mogelijkheden. Door klein te beginnen, samen te leren en het vooral praktisch te houden. “Het hoeft niet ingewikkeld te zijn. Als je blijft kijken naar wat iemand nog zelf kan, kom je al een heel eind.”